Het bijna onvermijdelijke London Calling festival vindt binnen enige dagen weer plaats. Waar de focus van het festival in het verleden lag op veelbelovende bands uit het Verenigd Koninkrijk, is dat tegenwoordig allesbehalve zo. Op deze editie spelen bijvoorbeeld de redelijk ‘grote’ namen The Rapture, Hard-Fi, en aanvankelijk ook Alberta Cross (dat afzegde). Vergane glorie, zou je zeggen? Gelukkig is er nog genoeg mooiers te zien en beluisteren. Om wat orde in de chaos te scheppen hebben wij een aantal bands geselecteerd die je moet gaan zien op het London Calling festival dat duurt van zaterdag 11 november tot en met zondag 13 november. Die laatste dag doet het festival De Balie aan, dat is gelegen naast Paradiso. Continue reading ‘INDIE INDIE’s London Calling tips’
ArchivePage 2 of 9
Male Bonding is met hun nieuwe plaat, Endless Now, hard onderweg om een gesettelde naam in het indie-circuit te worden. Geproduceerd door John Agnello (o.a. The Kills en Sonic Youth), met medewerking van Weezer-frontman Rivers Cuomo en met een grote tour door Europa en Amerika in het verschiet zijn Britse heren officieel de stempel ‘underground’ aan het ontgroeien. INDIE INDIE sprak hen vlak voor hun zeer geslaagde show in de OT301, waarbij een ding steeds opnieuw weer bleek: ze nemen zichzelf niet al te serieus. Continue reading ‘Interview: Male Bonding’
Big Troubles is niet heel anders dan alle andere kindjes uit de indieklas van Slumberland (The Pains Of Being Pure At Heart, Weekend, Veronica Falls, Brilliant Colors). Luisterend naar hun tweede album Romantic Comedy blijkt namelijk al vrij snel dat Big Troubles, zoals het een Slumberlandband betaamd, evenzo hard teruggrijpen naar de dromerige gitaarpop die hoogtij vierde in de jaren negentig. Inclusief kwetsbare vocalen en scherpe shoegazeranden. Big Troubles is een band die aan alle kanten retromania ademt, zonder dat het stoort. Originaliteit is absoluut een pré, maar als je als jonge band nostalgie op verslavende wijze weet te vatten in doordachte popliedjes telt vooral het gevoel. En dat gevoel is goed. Big Troubles schiet nergens uit de bocht, maar weet zweverige klanken op de juiste momenten over te laten gaan naar dissonante gitaaruitbarstingen. Romantic Comedy is retromania op zijn best.
The War on Drugs bracht onlangs het uitstekend ontvangen Slave Ambient uit. De band uit Philadelphia klinkt een stuk sonischer en experimenteler dan op voorganger Wagonwheel Blues. De band, die begon als recordingproject van frontman Andy Granduciel, wisselde in het verleden regelmatig van bezetting, maar lijkt nu een vaste vorm gekregen te hebben. Ik sprak met The War on Drugs’ oprichter voordat hij die avond met zijn band een optreden geeft in de kleine zaal van Paradiso. Continue reading ‘Interview: The War On Drugs’
Wilco komt na aardig tussendoortje Wilco (the album) sterk terug met hun nieuwe album The Whole Love, het eerste album dat ze uitbrengen op hun eigen label dBpm. Wilco toont lef door het album magistraal te openen met “Art of Almost“, een experimenteel meesterwerkje zoals ze die sinds A Ghost is Born en Yankee Hotel Foxtrot niet meer hebben durven maken. Daar tegenover staan uitstekende, doch helaas minder ambitieuze popnummers zoals “I Might“, “Capitol City” en “Born Alone” die zo van Summerteeth (een van hun beste platen) af lijken te komen. Afsluiter “One Sunday Morning” is met 12 minuten bijna het langste nummer dat ze opgenomen hebben, maar verveelt geen moment. Wilco is terug bij hun roots en die roots zijn ijzersterk muzikantschap combineren met het briljante liedjesschrijven van voorman Jeff Tweedy. Hopelijk gaan we nog vaker van Wilco horen nu ze alle vrijheid op hun eigen label hebben.
Het afgelopen jaar moet wel heel bijzonder zijn geweest voor de Britse Anna Calvi: van een tour met Grinderman naar een zegetocht langs het zalencircuit naar de grote zomerfestivals, niets houdt Calvi tegen. Dit is allemaal te wijten aan haar steengoede debuutalbum Anna Calvi (2011), dat werkelijk afdruipt van romantiek en verlangen in tien zwoele rock noir songs. Opvallend genoeg is deze plaat na een flink aantal luisterbeurten nog steeds niet aan slijtage onderhevig. Of de sleet na een jaar ook bij Calvi erin zit, mogen we deze dinsdagavond aan den lijve ondervinden. Continue reading ‘Anna Calvi at Melkweg’
Met de komst van The Year of Hibernation is Trevor Powers, de 22-jarige maker van deze plaat, iemand om in de gaten te houden. Dit thuis opgenomen debuut wordt door Powers neerzet als een grote dagdroom. Met een slepende piano en de zachte, breekbare stem van Powers doet Youth Lagoon veel denken aan The Antlers. De grote hoeveelheid reverb die door het hele album te horen is, houdt alles bij elkaar en zorgt dat de plaat een vertrouwd tintje meekrijgt. Alles klopt aan dit debuut. De instrumenten, de melodieën, de teksten. Het past bij elkaar. Met een totale duur van vijfendertig minuten is het een plaat die je zo een aantal keer achter elkaar opzet. The Year of Hibernation zou zomaar het beste debuut van dit jaar kunnen zijn.
In het kader van ontwikkelingssamenwerking in de richting van Subbacultcha! Belgium (het meest recente project van multinational Subbacultcha!) opent Ping Pong Tactics vandaag de avond in de OT301. De gemakkelijk te verteren noisepop van de Belgische band komt helaas niet over, wat te danken is aan een groot gebrek aan variatie en kwaliteit. Amai! Een bijna volle zaal wacht dan op Male Bonding, dat eind augustus haar tweede album Endless Now uitbracht. Qua populariteit is de band sinds hun vorige optreden in Amsterdam, toen samen met mede Sub Pop-band Dum Dum Girls in de bovenzaal van Paradiso, aardig gegroeid. Continue reading ‘Male Bonding at OT301′

Vanaf deze maand zullen de redactieleden van INDIE INDIE je iedere maand op de hoogte houden van niet te missen concerten hier in Nederland. Deze maand is er in ieder geval genoeg te zien. Zo raden wij iedereen aan om vandaag of morgen naar de show van Male Bonding te gaan, die zowel Amsterdam als Tilburg aandoen, en later deze week The Icarus Line in Amsterdam te gaan zien. Mocht je zelf nog tips hebben, deel dit dan met ons door hieronder een bericht achter te laten. Continue reading ‘INDIE INDIE agenda – Oktober 2011′
Vaak gebrandmerkt als het Britse antwoord op bands als Best Coast en Vivian Girls, belichaamt Veronica Falls toch meer dan strakke DIY indiepop. Op hun langverwachte, naamloze debuut is dit element zeker aanwezig, maar de namen die het hardste doorklinken zijn die van jaren tachtig iconen Siouxie and the Banshees en, iets later, Pixies. Enerzijds geeft de galmende sfeer, de ietwat valse gitaren en de onconventionele akkoordenschema’s een niet te miskennen new-wave geluid, waarbij het slechts nog ontbreekt aan een pikzwarte ragebol en witbleke make-up van frontvrouw Roxanne Clifford. Anderzijds doet vooral de samenzang tussen Clifford en gitarist James Hoare denken aan Black Francis en consorten. Hoewel het klinkt als een herhalingsoefening weet Veronica Falls het fris en vrij vrolijk neer te zetten, waarbij niet alles even interessant is, maar geen moment saai.
Of vroeger alles beter was valt te betwijfelen, maar de perfecte – want avontuurlijk en genre overstijgende – popsong is tegenwoordig schaars. Dat moet ook de jonge hond Sam McGarrigle uit Brighton hebben gedacht, die met zijn sinds enkele maanden opgerichte project Gross Magic teruggrijpt naar boeiendere muzikale tijden. Dat heeft geresulteerd in een EP van acht pareltjes dik, dat schippert van de ambachtelijke pop van ELO (“We’re Awake Tonight”, “Teen Jamz”) naar de vrolijke glamrock van T- Rex (“P.Y.T.”) naar stevige Pumpkins-grunge (“Yesterdays”). Inderdaad, allemaal verwijzingen uit de tijd van onze papa’s en mama’s; gelukkig maakt de lo-fi benadering van McGarrigle de ijzersterke tracks tot iets fris en eigentijds. Prijsnummer “Sweetest Touch” (met alternative nation-achtige retrovideo) vat alles samen: McGarrigle’s verliefde androgyne zang x catchy gitaarriff x een nog steeds niet uitgewerkte zacht/hard/zacht-structuur = dé zomerhit die we afgelopen zomer hebben gemist. Nostalgie werkt, nog steeds..
Eerder deze maand al verscheen er op INDIE INDIE een lijst met aanraders voor het multidisciplinair festival Incubate. Laat het nu net zo zijn dat een groot deel van deze lijst bestaat uit bands die op de zondag speelden. Al vroeg in de middag speelt in de Cul de Sac de Londense band A Grave With No Name. De dag ervoor deden ze een optreden in De Nieuwe Anita voor Subbacultcha, dus zou je denken dat het iets voorstelt. Dat doet de band ook, al moet je er goed voor luisteren. Vooral de zang is gebrekkig, wat de zanger zelf (gelukkig) wel doorheeft. Het geluid dat de Engelsen nastreven is gebaseerd op de lo-fi indierock die begin jaren negentig werd gemaakt door onder meer Pavement. Helaas kampt het slackende trio vrijwel het gehele optreden met technische problemen, waardoor het meer lijkt op een veredelde soundcheck. Spijtig, want bij momenten is dat wat AGWNN ten gehore brengt zeker niet slecht. Continue reading ‘Incubate – Zondag’

De meeste muzikanten van twintig staan in kleine keldertjes te zweten en te dromen over een grootse toekomst met tours door de VS, grote festival-bühnes en succesvolle platen. Zo niet Black Box Revelation. Natuurlijk koesteren zanger/gitarist Jan Paternoster en drummer Dries van Dijck wel dromen, maar met twee uiterst succesvolle langspelers op zak en na het voorprogramma te hebben verzorgd voor grootheden als Iggy Pop en The Meatpuppets, zijn vele ervan ook al verwezenlijkt. Nu wordt hun zeer indrukwekkende curriculum uitgebreid met een derde plaat: My Perception, geproduceerd door niemand minder dan Alain Johannes, bekend van onder meer Them Crooked Vultures. Continue reading ‘Interview: Black Box Revelation’
Na de uitstekend ontvangen EP See Birds, is er nu eindelijk een langspeler van het one-man-project Balam Acab, Wander Wonder. De 20-jarige, uit small-town Pennsylvania afkomstige Alec Koone typeert zijn muziek als ‘healing’. De hypnotiserende geluiden, de rustgevende maar uiterst donkere sfeer die de muziek uitstraalt en de vaak klassieke, of zelfs religieus aandoende zang werken inderdaad zeer rustgevend. Of het helend werkt is maar de vraag. Dat wat de ene luisteraar als een gezonde dosis doem zal ervaren, klinkt voor de ander wellicht te claustrofobisch. Hoewel niet direct depressief, is er weinig hoopvols te vinden in de muziek van Koone. Dit duistere is meteen een van de kenmerken van het vage mini-genre waar Balam Acab tot wordt gerekend: Witch House. Een genre dat stevig gestoeld is in de dub-step sfeer, maar net te duister is om Alec Koone tot dezelfde hoogte als vergelijkbaar wonderkind James Blake te brengen.
Het multidisciplinair festival Incubate, dat jaarlijks in Tilburg wordt gehouden, staat weer op het punt van beginnen. Om wat overzicht te scheppen in de overdaad aan interessante acts hebben wij voor jou een aantal niet te missen bands op een rijtje gezet. Ook geven we twee maal twee dagkaarten weg voor de dinsdag. Op dinsdag spelen onder meer HEALTH, Rainbow Arabia en Tweak Bird. Verder in dit artikel lees je hoe je de kaarten wint. Continue reading ‘INDIE INDIE’s Incubate tips’
Sinds de release van debuutalbum Feel It Break is de ster van Austra rijzende. De Canadese band rondom de klassiek geschoolde zangeres Katie Stelmanis speelde onlangs als voorprogramma voor het eveneens Canadese Arcade Fire in de Heineken Music Hall, en plakte daar een sterke show in de OT301 achteraan. De bezwerende electro/synthpop die leunt op het stemgeluid van Stelmanis ligt direct goed in het gehoor, maar heeft meerdere luisterbeurten nodig om je goed te raken. Ik sprak de spil van de band, Katie Stelmanis, de middag voor haar optreden in de Amsterdamse broedplaats aan de Overtoom. Continue reading ‘Interview: Austra’
Hip, fris, spannend, verslavend: het zijn maar een paar begrippen uit het arsenaal van lof dat de pers uitsprak over debuut I Had the Blues But I Shook Them Loose (2009) van Bombay Bicycle Club; een CD van begin tot eind gevuld met aanstekelijke en verfrissende popliedjes. Na het wat flauwe akoestisch tussendoortje Flaws (2010) kwam op 29 augustus de langverwachte volwaardige langspeler uit. Hoewel de naam misschien anders doet vermoeden is A Different Kind of Fix wel degelijk wat je van Bombay Bicycle Club gewend bent, maar met wat ruimte voor experiment. De catchy indiepop wordt afgewisseld en aangevuld door folky zangharmonieën (“Beggars”, “Fracture”), een piano ballade (“Still”) hier en daar een knipoog naar Foals’ Total Life Forever. Voor sommigen zal de afwisseling een verademing zijn, maar het zorgt er ook voor dat de CD minder als een album klinkt en meer als een collectie van geweldige, goede en minder goede liedjes.
De tijd van fashionably late lijkt voorbij wanneer bij aankomst een flinke rij hipsters (type kunst-/modeacademie) al rond 20.00 uur de OT301 doet uitpuilen. Volgens organisator Subbacultcha zou het deze avond storm lopen bij Austra, gezien alle kaarten de voorverkoop uitvlogen. U leest het goed: een gelegaliseerd kraakpand/broedplaats doet aan voorverkoop. Tijden veranderen, en enkel een Subbacultcha-lidmaatschap garandeert geen toegang meer. Jammer. Velen, inclusief leden, staan al ruim voordat support act Kool Thing begint voor een dichte deur en zijn gedwongen hun avond anders te besteden. Direct komt de vraag op hoe Austra in zo’n korte tijd zo populair is geworden? Continue reading ‘Austra at OT301′
The War On Drugs bracht in 2008 met hun debuut al een fijne mix van psychedelica en folkmuziek, en verandert met Slave Ambient niet veel aan dit concept. Slave Ambient is zeer repeterend en klinkt daardoor hypnotiserend en bezwerend, zonder daarmee aan toegankelijkheid in te boeten. Integendeel, door de heldere productie luistert dit album makkelijker weg dan Wagonwheel Blues. Talloze syntheziser- en gitaarlagen worden gestapeld op een monotoon stuwend ritme waarover frontman Adam Granduciel met zijn nasale stemgeluid zingt zoals Dylan dat in zijn jonge jaren deed. Door gebrek aan echte uitschieters klinkt Slave Ambient bij vlagen misschien wat te repeterend, maar het geheel is zo meeslepend dat dit eigenlijk niet stoort. The War On Drugs bewijst met haar tweede plaat dat zij zonder ex-bandlid Kurt Vile, die eerder dit jaar het bewierookte Smoke Ring For My Halo uitbracht, nog minstens zulke goede nummers kunnen schrijven.
Enige tijd geleden verschenen de singles “Bones” en “Tame The Sun” al op de internets, en nu is dat het geval voor het gehele nieuwe album van de Londense band. Voor liefhebbers van Dinosaur Jr. en soortgelijke acts een absolute must om live te zien dit jaar. En dat kan: op vijf oktober in Amsterdam en zes oktober in Tilburg. Net als debuutalbum Nothing Hurts uit 2010 staat haar opvolger vol met even gruizige als catchy nummers met een directheid die je niet veel hoort. Ook op Endless Now is Male Bonding niet vies van een hook meer of minder, maar overdrijft het niet. De LP is als geheel minder meeslepend dan haar voorganger, maar heeft qua energie niet ingeboet. Door de prominente plaats voor de gitaren is Endless Now een plaat met ballen. Dit is mede het werk van producer John Angello (Thurston Moore, Dinosaur Jr.).
